Overslaan en naar de inhoud gaan
Home > Over ons > Nieuws > Interview: Professor Jean-Pierre Kruth onderscheiden met prestigieuze Bower Award

Interview: Professor Jean-Pierre Kruth onderscheiden met prestigieuze Bower Award

Onlangs onderscheidde het Franklin Institute Jean-Pierre Kruth, professor aan de KU Leuven en nauw betrokken bij Flanders Make, met de prestigieuze Bower award voor zijn grensverleggend onderzoek rond additive manufacturing.  Een interview met deze gepassioneerde persoon over zijn boeiende onderzoek.

Hoe snel was het duidelijk dat u als professor met additive manufacturing (AM)  aan de slag zou gaan?

Ik ben hier als het ware ingerold. Toen ik professor werd, was AM een onontgonnen domein. Na mijn doctoraat, dat handelde over vonkerosie en dus ook wel toegespitst was op een niet-conventionele productiemethode, heb ik een zestal jaar bij WTCM (het latere SIRRIS) gewerkt. Daar was ik onder andere adviseur voor CAD/CAM, software die onontbeerlijk is bij AM. Via WTCM kwam ik ook in contact met Alcatel Bell Telephone, die geïnteresseerd was in de nieuwe niet-conventionele productiemethode met zogenaamde “rapid prototyping” machines, op dat moment voor het 3D-printen van kunststofproducten. Alcatel Bell stuurde aan op verder onderzoek via de KU Leuven, die in deze machines geïnvesteerd had. Een laatste beslissende factor voor mijn onderzoek was WTCM collega Fried Vancraen, die brood zag in AM en besloot een bedrijf op te starten dat zich toelegde op de nieuwe technieken. Zo was er ook een industriële basis voor het onderzoek.

Kan u de eerste jaren van het onderzoek schetsen?

Zonder computertechnologie is AM niet mogelijk, omdat het te complex is. In de jaren 80 ontstond CAD/CAM, zodat via computermodellen AM met numeriek bestuurde machines wel mogelijk werd. Begin jaren 90 bestond AM enkel voor kunststoffen. In die periode startte het onderzoek naar stereolithografie bij de KU Leuven. Daarvoor werkten we zeer nauw samen met vestigingen van WTCM in Luik. Op dat moment wilde een assistent van mij, Bart Van der Schueren, onderzoeken of het ook mogelijk was om metaalcomponenten additief te produceren. In eerste instantie gebruikten we elektronenstraaltechnologie om metaalpoeder aan elkaar te versmelten, maar al snel merkten we dat dit met staal niet mogelijk was. Daarom schakelden we over op het gebruik van laserstralen, wat wel een succes bleek.

Dankzij uw onderzoek ontstonden er ook een aantal succesvolle spin-offs.

Inderdaad. Bij ons onderzoek met kunststoffen begonnen we al vanaf dag 1 met industriële activiteiten. Fried Vancraen startte Materialise op, een pioniersbedrijf voor AM van kunststoffen. Ondertussen zijn ze wereldwijd het 3e grootste beursgenoteerd bedrijf in AM, met meer dan 1000 medewerkers . Voor de productie van metaalcomponenten startte het onderzoek eveneens begin jaren 90, maar het duurde tot 2008 voor we de techniek voldoende onder de knie hadden om ook hier industriële activiteiten op te starten. Dat deden we met LayerWise, waar ondertussen toch ook een kleine 100 medewerkers in dienst zijn en dat doorheen de jaren vaak winstcijfers van tegen 100% kon voorleggen. Ten slotte is er Metris, opgericht midden jaren 90, dat zich initieel richtte op reverse engineering (RE), het inscannen van producten door heel veel punten op het product te meten en zo tot een CAD model te komen. Het breidde zijn activiteiten vervolgens uit naar de productie van meetapparatuur voor RE en kwaliteitscontrole. Onder de naam Nikon Metrology maken zij nu deel uit van Nikon en hebben ondertussen eveneens meer dan 1000 mensen in dienst. Elk van deze bedrijven is koploper in zijn activiteiten, niet alleen in Vlaanderen, maar wereldwijd.

Vorig jaar besloot de Vlaamse overheid tot de oprichting van Flanders Make. Hoe staat u ten opzichte van dit initiatief?

Heel positief. Ik ben ook bij de oprichting betrokken geweest, met name bij de invulling van het onderzoeksprogramma rond AM. Ons kleine Vlaanderenland is één van de koplopers in AM, maar we kregen, zeker in vergelijking met andere landen, relatief weinig financiering voor het onderzoek via de overheid. Door de oprichting van Flanders Make heeft de Vlaamse overheid het mogelijk gemaakt om een aantal nieuwe projecten op te starten.

Tot slot: hoe kijkt u terug op het ontvangen van de prestigieuze Bower Award?

Toch wel met enige trots. De awards van het Franklin Institute bestaan al veel langer dan de Nobelprijs. Als je weet dat o.a. Marie Curie, Albert Einstein, Graham Bell, de gebroeders Wright, Thomas Edison enz. ook laureaat zijn geweest, geeft dat toch wel aan dat het echt om een prestigieuze prijs gaat. Nu, we moeten het ook relativeren, er zijn zes comités aan het Franklin Institute voor de uitreiking van de awards en elk jaar mag één comité de Bower Award uitreiken in zijn domein. Dit jaar was de beurt aan het comité voor werktuigkunde, en als thema hadden zij gekozen voor AM. Deze Award betekent toch een erkenning dat Vlaanderen beschouwd wordt als een topregio betreffende AM.

Hartelijk dank voor dit gesprek!